Iedereen die teksten schrijft weet dat je de boodschap aanpast aan de ontvanger. Als je een nieuwsbrief schrijft voor de bewoners van een verzorgingshuis of een whitepaper voor ICT-medewerkers, dan weet je precies wie je doelgroep is. Het taalgebruik, het taalniveau en de woordkeuze in beide teksten zal totaal verschillend zijn. Aangepast op de lezer. Maar wat nu als je doelgroep niet zo eenvoudig te duiden is? Bijvoorbeeld als je doelgroep ‘de gemiddelde Nederlander’ is. Dit is vaak het geval bij folders, brieven en websites van zorginstellingen en overheden, maar geldt ook voor bijvoorbeeld OV-bedrijven, energieleveranciers en verzekeraars.

De uitdaging

Bij het schrijven voor een brede doelgroep is de uitdaging om een tekst te schrijven die voor iedereen gemakkelijk te begrijpen is. Zonder dat je informatie weglaat of dat het kinderachtig wordt. Als je hierin slaagt, dan vergroot je de effectiviteit van je tekst enorm. De tekst wordt beter gelezen én begrepen. Als voorbeeld een tekst uit een bijsluiter:

Driemaal daags oraal toedienen. Bij jonge kinderen is supervisie vereist.

Stel je nu voor dat het gaat om een medicijn tegen oorontsteking bij een klein kind. De moeder in kwestie denkt dat de vloeistof in het oor gedruppeld moet worden. Maar oraal betekent niet in het oor, maar doorslikken via de mond. Ook driemaal daags levert problemen op: is dat één keer in de drie dagen, drie doseringen in één keer, of drie keer op een dag en wanneer dan precies? En dan heb ik het nog niet eens gehad over het woord supervisie. Dit kan eenvoudiger:

‘s ochtends, ‘s middags en ‘s avonds 1 eetlepel van het medicijn laten doorslikken. Bij kleine kinderen moet er altijd een volwassene bij zijn als het medicijn wordt ingenomen.

Bovenstaande tekst zal door 95% van de Nederlanders begrepen worden, zonder dat hoger opgeleide Nederlanders het gevoel hebben niet serieus genomen te worden

Hoe doe je dat, schrijven voor een brede doelgroep?

Schrijf je voor mensen met verschillende achtergronden en leeftijden, dan zijn er een aantal dingen waarmee je rekening kunt houden. Met onderstaande tips maak je de tekst leesbaar, toegankelijk en concreet.

  • Bedenk van te voren goed wat de kern is van je verhaal. Dat is niet altijd even eenvoudig. Soms bevat een verhaal meer dan één boodschap. Het kan helpen om jezelf de vraag te stellen: wat wil ik dat de lezer doet of weet na het lezen van mijn tekst?
  • Probeer je in te leven in de lezer. Welke vragen zou een lezer kunnen hebben over dit onderwerp? Wat vindt hij of zij belangrijk om te weten? Als het onderwerp bijvoorbeeld het inenten van kleine kinderen is, dan zouden de vragen kunnen zijn:
    • Waarom wordt mijn kind ingeënt?
    • Wat is een inenting precies?
    • Tegen welke ziekten beschermt een inenting?
    • Is een inenting gevaarlijk?
    • Zijn er bijwerkingen?
    • Wat zijn de risico’s als ik mijn kind niet laat inenten?
  • Zorg vervolgens dat je alle onderwerpen aan bod laat komen in een duidelijke volgorde. Spring dus niet van de hak op de tak.
  • Heel belangrijk: kies een sterke titel! De meeste lezers beslissen op basis van de titel of de tekst interessant voor ze is. Zorg dus voor een aansprekende titel die de lezer uitnodigt om verder te lezen.
  • Schrijf zo veel mogelijk in spreektaal. Gebruik actieve zinnen en vermijd moeilijke woorden. Dus niet: Het Rijksvaccinatieprogramma is opgesteld ter bevordering van de volksgezondheid. Maar wel: Omdat veel kinderen in Nederland worden ingeënt tegen besmettelijke ziekten, komen deze ziekten bijna niet meer voor. 
  • Probeer niet te veel informatie in één zin te proppen. Gebruik liever meerdere korte zinnen dan één lange zin.
  • Gebruik concrete woorden en geen jargon of abstracte woorden. Dit begrijpt namelijk bijna niemand: Uit onderzoek blijkt dat 15% van alle potentieel vermijdbare geneesmiddelgerelateerde ziekenhuisopnamen verband houdt met therapieontrouw. Beter is het om te schrijven: Volg de instructies van uw dokter en stop niet met uw medicijnen voor ze op zijn. Als u te vroeg stopt met uw medicijnen, dan kunt u in het ziekenhuis terecht komen.
  • Vermijd ambtelijke of ouderwetse taal. Gebruik dus graag in plaats van gaarne, maar in plaats van doch, ook in plaats van tevens en al in plaats van reeds.
  • Wees consequent. Het lijkt misschien aantrekkelijk om zo veel mogelijk verschillende woorden te gebruiken, maar voor een lezer kan dit verwarrend zijn. Gebruik dus niet de ene keer dokter, de volgende keer arts en een derde keer specialist. Tenzij de dokter en de specialist natuurlijk twee verschillende personen zijn, maar voer het ook dan consequent door.
  • Tot slot, laat je tekst proeflezen. Het liefst door een aantal verschillende mensen. Vraag of zij de tekst begrijpen, of de tekst makkelijk leest en hoe ze de tekst beoordelen.
Delen
Facebooktwitterlinkedin